PLANTEN EN WIEREN | Kustportaal

PLANTEN EN WIEREN

Het Belgisch deel van de Noordzee (BNZ) vormt een uniek ecosysteem met een hele waaier aan planten en wieren. Door wisselende invloeden van zout, zand, wind, stromen en getijden komen verschillende vegetatiezones er tot ontwikkeling. Deze abiotische factoren vergen van de aanwezige vegetatie vaak verschillende fysiologische en morfologische aanpassingen om succesvol te zijn.

De Belgische zeebodem is door een gebrek aan licht en een zandige ondergrond hoofdzakelijk onbegroeid. Kunstmatige harde substraten zoals golfbrekers en offshore constructies daarentegen kunnen makkelijker gekoloniseerd worden en hier vindt men vaak een abundantie aan wieren. Op de vloedlijn en het droge strand komen enkel kortlevende vaatplanten voor zoals zeeraket (Cakile maritima) en zeepostelein (Honckenya peploides). Verder landinwaarts, bij de duinenrij, is er meer variatie. Zo ondersteunt de zeewaartse helling vaak een weelderige begroeiing bestaande uit lage struiken en heideplanten. De landwaartse hellingen zijn droger en schaars begroeid met vooral droogteresistente planten als mossen, korstmossen en buntgras (Corynephorus canescens). Het Zwin, de IJzermonding en de Baai van Heist vormen speciale vegetatiezones langs onze kust, daar deze gebieden slikken en schorren herbergen. De vegetatie is er door regelmatige overstromingen met zeewater aangepast aan een zout milieu.

De kustvegetatie staat echter langs alle kanten onder druk. Zo is er toenemende concurrentie van invasieve uitheemse plantensoorten (Provoost et al. 2004), maar ook vervuiling en het vertrappelen van vegetatie door verschillende menselijke activiteiten vormen een bedreiging. Een goed beheer en een adequate wetgeving zijn daarom erg belangrijk. Zo zijn er in de Europese Habitatrichtlijn speciale beschermingszones aangeduid voor het beschermen van fauna en flora.

In het kader van een goed beheer en beleid is het correct inventariseren en monitoren van de vegetatie van groot belang. Hiertoe kunnen verschillende methodes toegepast worden. Op 'kleine' schaal wordt vaak gekozen om de abundantie aan vegetatie in een bepaald gebied te bepalen aan de hand van bijvoorbeeld de Braun-Blanquet of Tansley-schaal. Het karteren van grotere gebieden gebeurt tegenwoordig via remote sensing.
Informatie
Planten en Wieren